Persoon 1: In de tweede wereld oorlog is een belangrijk erfstuk van jullie familie door de Duitsers afgenomen. Jij bent hier altijd zeer verbitterd door geweest.
Persoon 2: jij weet dat je grootouders grootste wens is dat het erfstuk terug komt. Na een grote zoektocht heb je het erfstuk gevonden en is het je gelukt om het erfstuk in je bezit te krijgen. Je gaat het dadelijk vol trots aan persoon 1 presenteren. Wat die niet weet is dat de vorige eigenaren het eigenlijk niet af wilden geven, ook jij hebt het dus geroofd.
Jullie zijn vriendinnen/vrienden, al heel lang.
Persoon A, een tijdje terug heeft persoon B jou (waarschijnlijk onbewust) gekwetst. Je hebt hier destijds niets van gezegd, deels omdat je het niet belangrijk genoeg vond, maar vooral omdat je weet dat persoon B helemaal niet met kritiek om kan gaan. Het zit je echter nog steeds dwars.
Jullie hebben afgesproken in een theehuisje bij B in de buurt.
Julia, je rijke man is vaak van huis. Je hoeft niet te werken en komt je dagen dan ook door met cocktails drinken met je buurvrouwen, de poedel uitlaten, je mooi maken en baantjes trekken in je zwembad. Eigenlijk verveel je je dood en ben jij wel in voor een verzetje.
Dat verzetje is de laatste tijd tuinman Patrick. Met zijn zongebruinde gezicht en sterke armen is hij een plaatje om naar te kijken.
Je hebt de uitdaging aangenomen met je vriendinnen om eens te kijken hoever je het kan laten gaan bij hem.
Speler 2, jij wacht al 4 jaar op een donornier. Er zijn hier weinig van in Nederland. Nu is er een in het laboratorium een middel ontwikkeld waarmee er geen biologisch passende donor meer nodig is, omdat het lichaam door het middel het donororgaan sneller accepteert. Om aan dit onderzoek meer bekendheid te geven is er voor patiënten een ‘uitreiking’ waar Speler 1 zich voor ingeschreven hebt. Tijdens de loting ben jij het geworden en vandaag ontmoet jij speler 1 die één van zijn nieren afstaat voor dit goede doel.
Speler 1, jij staat overmorgen je nier af, maar wil eerst de gelukkige winnaar ontmoeten en jezelf verzekeren dat deze ook jouw nier wel verdient
Julia, jij wilde afreizen naar het jaar 2345, maar daar aangekomen, lijkt er toch iets mis te zijn gegaan. Je bent aangekomen in het jaar 1545 en je bevindt je op een slavenschip. Arjen, jij bent slavenhandelaar en er bevindt zich ineens een witte vrouw op jouw schip.
Amanda, er rust een vloek over jouw familie; niemand wordt ouder dan 45 en iedereen sterft aan dezelfde kwaal; hartfalen. Jij bent nu 45. Het verhaal gaat dat Gosse het laatste familielid is dat ouder dan 45 is geworden en dat hij de vloek in werking heeft gezet. Nu tijdreizen mogelijk is, heb jij besloten om terug het verleden in te gaan om uit te zoeken hoe de vloek gekomen is.
Persoon 1, jij hebt geprobeerd de eindexamenlijsten te hacken om je cijfer op te schroeven. Helaas zijn ze hier op school achter gekomen en moet jij op gesprek komen. Persoon 2, jij bent de directeur van de school.
Jullie zijn een jong stel dat samen op vakantie is in Texas. Jullie hebben ondervonden dat vakanties de ultieme relatietest zijn en het is maar de vraag wat eerder ophoudt; jullie vakantie of de relatie.
Jullie staan voor de volgende uitdaging: jullie zijn vast komen te zitten in een hevige thunderstorm.
Persoon 1, jij zit achter het stuur maar durft op dit moment niet meer verder te rijden.
Persoon 2, jij zou wel verder willen rijden maar kunt de auto niet uit met het hevige onweer boven jullie. Er zit voor nu dan ook niets anders op dan wachten.
Persoon 1, jij bent een aantal jaar terug opgepakt en berecht voor poging tot doodslag broer. Na een ruzie heb je geprobeerd over hem heen te rijden. Hij overleefde dat, maar zit sindsdien in een rolstoel. Kort nadat je de gevangenis in ging ben je vader/moeder geworden van een zoon. Je hebt hem echter nog nooit gezien omdat je partner hem niet meeneemt naar bezoeken. Je bent sinds 2 jaar in behandeling en krijgt TBS.
Vanwege goed gedrag heb je gisteren verlof gekregen en mocht je een tijdje naar huis. Vanmorgen besloot je dat je je zoon wilde zien en heb je je enkelband afgeknipt.
Persoon 2, jij bent ingelicht door de politie dat je partner onderweg is. Je hebt opdracht gekregen het bezoek zo lang mogelijk te rekken zodat ze hem kunnen oppakken bij jou thuis. Je zoon is meegenomen door je moeder en is daar veilig.
Patrick, Jij hebt zojuist je auto meegegeven aan valet Nynke. Wanneer die terug komt met je auto blijkt die compleet vernield te zijn.
Nynke, voor zover jij weet is dit de staat van de auto hoe Patrick hem meegegeven heeft.