Het werd zomer – Rob de Nijs
Esther: jij hebt een zoon van 19, een cadeautje dat je overhield aan een nachtelijk avontuur met een jochie van 16, jij was destijds 28… Je zoon is een schat, maar zeker niet zo mannelijk als zijn vader toen al was, hij kan je niet eens helpen met het sjouwen van deze dozen!
Paul: de hele ochtend zie je haar al sjouwen, je nieuwe buurvrouw. Iets in haar maakt dat je blijft kijken. Je besluit haar maar eens je hulp aan te bieden.
Speler 1 en Speler 2: jullie zijn beste vrienden/vriendinnen. Een van jullie heeft een paar maanden terug een baby gekregen. Het is die speler opgevallen dat de ander die baby niet graag vast lijkt te houden en vaak nogal obligaat naar het kind vraagt . Dat komt omdat die ander de baby eigenlijk heel lelijk vind, maar dit niet durft te zeggen.
Jullie hebben voor het eerst in lange tijd een afspraak zonder de baby.
Daughters – John Mayer
Ouder en dochter. Jullie zijn net een week terug van avontuurlijke 3 weken Vietnam, waarin jullie samen hebben geraft, gehiket en zelfs een bungeejump hebben gedaan. Kind, het was onwijs gaaf om zo drie weken met je ouder op stap te zijn. Je had nooit geweten dat die zo avontuurlijk was! Behalve wanneer je je bezeerde, dan kwam die verstikkende zorgzaamheid weer naar voren.
Ouder, deze vakantie heeft jou tot een nieuw inzicht geleid; je hebt de afgelopen tijd een besluit genomen, iets wat je nu dolgraag met je dochter wil delen.
Kind, jij hebt zojuist bij binnenkomst je schouder tegen de deurpost gestoten
Jullie zijn al jaren gelukkig samen en vormen een fijn koppel.
Speler één jij bent onderdeel van een zoekteam en je bent net terug vanuit Marokko. Daar is een verschrikkelijke aardbeving geweest. Je hebt veel gezien en meegemaakt. Je hebt mensen onder het puin weggehaald. Een aantal levend maar meer overleden. Een meisje van zes blijft op je netvlies staan. Je kon niets voor haar doen behalve haar terug geven aan haar familie. Nu ben je aan het bijkomen.
Speler twee. Je bent altijd bezorgd als je partner op een missie is. Jij runt dan het huishouden. Je bent blij dat hij/zij weer terug is. Hij/zij zit nu al twee dagen wezenloos voor zich uit te staren op de bank. Je denkt dat het goed is dat hij in beweging komt en stelt voor om het schuurtje op te knappen een klusje wat jullie al twee jaar voor jullie uitschuiven.
A na een lange dag werk stap jij de bus in, je sukkelt langzaam is slaap. Als je wakker wordt, zit er niemand meer in de bus. De bus staat stil naast een weggetje bij een verlaten weiland. Ben je ontvoerd? Je snapt er niks van. Dan zie je dat de buschauffeur er nog wel zit. Hij/zij huilt zachtjes.
B jij bent die buschauffeur.
Persoon 1: jij hebt per ongeluk een belangrijk familie erfstuk naar de kringloopwinkel gedaan, het zat in een kast zonder dat je het doorhad. Je hebt een oproep gedaan om te vragen of de eigenaar van de kast de kast terug wil verkopen (zonder duidelijk te maken dat het erfstuk erin zat).
Persoon 2: Jij hebt de kast gekocht en hebt het erfstuk gevonden. Je weet nog niet of je het terug wil geven.
Jullie gaan al jaren samen op vakantie maar twee weken voor de datum dat jullie zouden gaan vliegen zegt de een af.
René, Jij leeft al een heel jaar naar deze vakantie toe, je vindt het leuk dat Ans mee gaat. Je bent dan ook zeer boos dat op het laatste moment wordt afgezegd.
Ans, jij vindt de vriendschap belangrijk maar de laatste tijd voelde het als beklemmend dat jullie altijd met elkaar op vakantie gingen. Er is nu iets tussengekomen en hebt dan ook afgezegd.
Niet ver van het Friese stadje Franeker is een exotische garnaal in het water aangetroffen. Het beestje, ook bekend onder z’n officiële naam chelicorophium maeoticum, zwom rond in het Van Harinxmakanaal. Pakweg 3000km van de Zwarte zee waar hij thuis hoort.
DNA-onderzoek heeft inmiddels uitgewezen dat hij het echt is, de chelicorophium maeoticum.
A, jij hebt net jubelend de Leeuwarder krant gebeld. Het artikel wordt morgen geplaatst.
B, jij hebt het DNA-onderzoek uitgevoerd. Maar je collega A een beetje voor de gek gehouden. Niks chelicorophium maeoticum. Gewoon een verdwaalde noordzeegarnaal
Persoon 1. Je hebt moeite met het verbreken van relaties. Je merkt dat je vaak te lang erin blijft zitten omdat je het gevoel van een relatie zo fijn vindt.
Achteraf heb je spijt dat je het lang hebt gerekt. Omdat dit een patroon is geworden ben je zo bang om het te rekken dat je bijna niet meer durft na te denken of de relatie goed is of niet.
Je besluit iemand die dichtbij je staat om raad te vragen.
A en B, dit is jullie vierde trainingsweek in Estland, als vrijwilliger vanuit Nederland in het vrijwilligersleger van Estland. De training is hard, vet en jullie weten dat jullie hier op je plek zijn.
Gisteren hadden jullie een dag voor jezelf. Geen training of appèl. Rondlopen, praten met jullie Estse collega’s, genieten. Genieten van hún wodka. En ijswakken.
A, jij bent meerdere keren een ijswak in gesprongen om daarna op te warmen in het stookhok. Je bent hierheen meegegaan om B, om jullie eeuwenoude vriendschap, en nu je weet dat je tot het uiterste zal gaan om Europa te verdedigen..
B, tot gisteren wist je zeker dat je de juiste beslissing had genomen door samen met A hierheen te komen. Nu weet je het niet meer. A zie je smetteloos opgaan in de groep van vechters, en jij staat er buiten. Je denkt er over om na de training definitief terug te gaan naar Nederland, maar die koppijn, die enorme koppijn na de kutwodka van gister…