A en B, jullie zijn beste vrienden en op vakantie. Eindelijk helemaal uitchecken en de piste af. Jägermeister, kaizersmarln, die knappe skileraar. Dit doen jullie al jaren.
A, jij kijkt ieder jaar uit naar deze week. Alleen, B lijkt het werk niet helemaal los te kunnen laten. Net als vorig jaar. En het jaar ervoor. En het jaar daarvoor…
Our house – Madness
A en B. Jullie zijn 10 jaar buren met een goede relatie. Af en toe bij elkaar op bezoek, ruik je een bbq dan schuif je toch gewoon even aan? Enzovoorts
A: jij raakte jaren geleden in een depressie en werd hierdoor arbeidsongeschikt verklaard. Je dreigde hierdoor in de financiële problemen te komen. Maar een goede buur is beter dan een verre vriend! Jij verdient nu bij B bij als huisoppas/schoonmaakster en dergelijke klusjes. Dit geld houdt jouw hoofd boven water, zonder dit geld kun je alles kwijtraken.
B: Dit heb jij gedaan omdat jij de situatie van A niet langer kon aanzien. Je bent prima in staat om zelf je huis te onderhouden dus je doet dit puur uit de goedheid van je hart. Maar nu met de vele crisissen in dit land en stijgende inflatie… kun jij helaas A niet meer in dienst houden. Maar hoe ga je dit nieuws brengen?
Speler 1, jij wilt weg uit de stad en hebt daarom een huis gekocht in een klein dorp. Vandaag ben je voor het eerst na de overdracht weer in het huis om dingen op te meten. Je ziet dat je buurman, speler 2, die al jaren in het dorp woont, in die paar dagen een nieuwe schutting heeft geplaatst – duidelijk op jouw erf. Tijd voor een vriendelijke kennismaking.
Persoon 1, jij moet binnenkort verhuizen naar een ander, kleiner huis. Je hebt veel van je dagelijkse spullen al ingepakt, maar weet dat de grootste klus nog moet komen; de zolder.
Hier ligt alles van jouw zoon opgeslagen, die tien jaar geleden door een auto-ongeluk om het leven is gekomen. Je weet dat je niet alles mee kunt nemen, maar vindt het moeilijk om te bepalen welke dingen weggaan en waar dan heen.
Je hebt je vriendin Persoon 2 gevraagd om te komen helpen bij het inpakken.
Persoon 2, Persoon 1 heeft jou van te voren gevraagd sterk, rigoureus en steunend te zijn bij deze opruimactie.
Persoon 1, jij bent extravagant, theateraal en een extravert. Persoon 2; jij bent introvert, Einzelganger en lekker op jezelf. Persoon 1, ze noemen jou de space cowboy, gangster of love en meer van dit. Persoon 2. jij bent gewoon Maurice.
Jullie zijn beiden persoonlijkheden in het hoofd van Maurice, een jongen in de puberteit die aan het ontdekken is wie die is. Beiden vinden jullie dat jullie de ware Maurice zijn en dat de ander een ander hoofd moet zoeken. Maar wie gaat er winnen?
Patrick, Jij hebt zojuist je auto meegegeven aan valet Nynke. Wanneer die terug komt met je auto blijkt die compleet vernield te zijn.
Nynke, voor zover jij weet is dit de staat van de auto hoe Patrick hem meegegeven heeft.
A, jij bent de meest geliefde buurvrouw van de straat. Jij organiseert het jaarlijkse straatfeest, de bloemetjes voor de zieken en staat altijd klaar. Iedereen noemt jou ‘de sterke vrouw’. Zo heb je ook een langlopende band met je buren.
B, als zoon van de buurvrouw kom jij al jaren iedere week bij A over de vloer. Als inmiddels volwassen zoon van A’s buurvrouw, snap je nog steeds niet waarom jij nog altijd iedere week naar A gaat. Tot vanavond.
Persoon 1, jij hebt een grote liefde voor het afstruinen van tweedehands winkels.
Persoon 2, jij zou het niet als een grote liefde, maar als een verslaving benoemen. Jullie huis begint vol te raken met goedkope weckpotten, vazen, servies en andere prullaria. Tijdens de lockdown waren de winkels gesloten en zo ook de tweedehandswinkels. Sinds de afgelopen versoepelingen kun jij je hart weer ophalen.
Persoon 2, jij vindt dat de verzameling echt uit de hand begint te lopen en brengt geregeld spullen naar de tweedehands winkel achter de rug om van persoon 1. Dat er tijdens de lockdown niets bij kwam, vond jij heerlijk.
Zodadelijk komt persoon 1 met een nieuwe verzameling binnen, toevallig wat spullen waarvan persoon 1 kon zweren dat die uit haar/zijn eigen bezit kwamen.
La ballade de gens heureux – Gérard Lenorman
Speler A. Je hebt je beste vriend(in) uitgenodigd voor een weekje in dit huisje in Frankrijk. Je voelt je voor het eerst in jaren écht goed: je hebt een nieuwe baan, bent gestopt met drinken, en het leven lacht je weer toe. Je snapt alleen niet waarom Daan zo lauw reageert.
Speler B. Je bent meegekomen, maar eigenlijk is het ongemakkelijk. A was altijd degene bij wie het slechter ging dan bij jou. Dat gaf rust, overzicht, misschien zelfs een gevoel van betekenis. Nu lijkt hij ineens beter in zijn vel te zitten dan jij — en dat schuurt
Persoon 1: Jij bent een persoon van stand. Je hebt je leven hard gewerkt, maar bent ook in het bezit van oud geld.
Persoon 2 is de partner van jouw zoon. Je hebt vandaag voor het eerst kennis gemaakt. Jij vindt persoon 2 te min voor jouw zoon, persoon 2 komt namelijk niet van een familie met aanzien. Jullie praten na het eten wat bij.