Oh zo vroom, maar intussen

Esther, jij bent een vrome jonkvrouw. Mannen van heel het land vragen om jouw hand, want je komt van een goede familie, bent welbespraakt en zult later een groot stuk land erven van jouw vader, mits je natuurlijk trouwt met de juiste echtgenoot.

Het probleem is, dat jij hopeloos verliefd bent op de nar, Kevin. Een die niet van adellijke familie komt en wiens taak het is om anderen aan het lachen te maken.

Kevin, jij weet nog van niets, maar jonkvrouw Esther heeft je verzocht om een privé-optreden te geven in haar vertrekken.



Aangereden

Dochter: je bent bij je vriendje geweest eten en hij heeft aangeboden je naar huis te brengen. Dan gebeurt er iets vreselijks, jullie worden aangereden. Het enige wat je je kan herinneren is geschreeuw, pijn en je vriendje die je naam roept. Ondertussen is het alweer 3 weken verder, een hele lange tijd heb je in coma gelegen en je bent nu eindelijk zover in je revalidatie dat je weer goed kan praten en denken.

Moeder: jij bent natuurlijk heel erg geschrokken door wat er met jouw dochter is gebeurt. Je moet haar alleen iets heel vervelends vertellen, namelijk dat haar vriendje het auto-ongeluk niet heeft overleeft. Ook is het zo dat ze met opzet zijn aangereden en de dader nog steeds niet is gevonden.


Rommel

Ouder en kind.

Ouder, jij zit al een tijdje thuis met een burnout. Je bent van de een op de andere dag afgeknapt op het werk en hebt nu moeite met je energie op pijl houden.

Kind, jij woont bij jouw ouder in en hebt de leeftijd om uit huis te gaan. Je had hier plannen voor maar toen jouw ouder thuis kwam te zitten heb je deze plannen op de langere baan gezet.

Je stoort je al een tijdje aan de rommel in jullie huis en vandaag trek je het echt niet meer.


Heilstaat

Persoon 1 (vader/moeder): in de vroege jaren tachtig was jij universitair onderzoeker in West-Duitsland.  Op een dag hebben je partner en jij jullie kinderen halsoverkop meegenomen naar Oost-Duitsland, onder het mom van een dodelijk zieke oma. Bij het tankstation op de weg naar Berlijn bleken er echter Stasi-agenten te wachten en vertelden jullie het echte verhaal: jij was voor de DDR. Omdat jullie op het punt stonden gearresteerd te worden, zijn jullie naar Oost-Duitsland gevlucht.

Persoon twee (kind): jouw broer/zus was meerderjarig en kon dus op eigen houtje terug naar de BRD. Jij moest echter blijven en werd met je ouders DDR-burger. Je ouders beloofden je dat het daar het paradijs was, maar al snel realiseerde je, dat niets minder waar was. Je weet niet of je ouders hetzelfde dachten.
Lees verder “Heilstaat”


Niet afmaken

Persoon 1: Jij bent ouder van drie kinderen. Twee die erg succesvol zijn en van persoon 2.

Persoon 2 heeft nu al vier studies achter de rug en elke keer komt hij er naar verloop van tijd achter dat het ’toch niet iets voor hem is’. Maar studie vijf lijkt het toch echt wel te zijn, hij houdt het al 2-en-een-half-jaar vol!

Persoon 2: Jij hebt vanavond afgesproken. De studie is toch niet echt iets voor je.


Lekker uitzicht

Julia, je rijke man is vaak van huis. Je hoeft niet te werken en komt je dagen dan ook door met cocktails drinken met je buurvrouwen, de poedel uitlaten, je mooi maken en baantjes trekken in je zwembad. Eigenlijk verveel je je dood en ben jij wel in voor een verzetje.

Dat verzetje is de laatste tijd tuinman Patrick. Met zijn zongebruinde gezicht en sterke armen is hij een plaatje om naar te kijken.

Je hebt de uitdaging aangenomen met je vriendinnen om eens te kijken hoever je het kan laten gaan bij hem.


Ik zou wel willen weten waarom hij van die lelijke kunst maakte.

Persoon 1, jij moet binnenkort verhuizen naar een ander, kleiner huis. Je hebt veel van je dagelijkse spullen al ingepakt, maar weet dat de grootste klus nog moet komen; de zolder.

Hier ligt alles van jouw zoon opgeslagen, die tien jaar geleden door een auto-ongeluk om het leven is gekomen. Je weet dat je niet alles mee kunt nemen, maar vindt het moeilijk om te bepalen welke dingen weggaan en waar dan heen.

Je hebt je vriendin Persoon 2 gevraagd om te komen helpen bij het inpakken.

Persoon 2, Persoon 1 heeft jou van te voren gevraagd sterk, rigoureus en steunend te zijn bij deze opruimactie.


Ik wil dat jij het beter krijgt dan mij

Moeder heeft altijd hard gewerkt verschillende schoonmaak baantjes productievermogen, enz. Alles zodat de kinderen het beter hadden.

Dochter, jij kon goed leren en hebt snel carrière gemaakt. Je bent je moeder dankbaar maar je merkt ook dat je in je nieuwe werk niet praat over je moeder omdat je je schaamt over haar afkomst


One way or another

One way or another – Blondie

Nynke, na een huwelijk vol tumult heb jij gekozen om weg te gaan bij jouw man, de vader van Julia. Jullie hebben geen contact meer en zitten in een vechtscheiding. Julia heeft het daar erg moeilijk mee, met name omdat jij niet wil dat zij hem ziet. Jullie hebben er veel ruzies over en je hebt haar zojuist in volle woede naar haar kamer gestuurd.

Je hebt er even over na kunnen denken en begrijpt dat de situatie voor Julia ook heel moeilijk is. Je besluit het goed te maken, een goed gesprek te hebben en hebt iets speciaals voor haar meegenomen. Julia, jij hebt in die tijd een rugzak vol spullen gepakt en wil net uit het slaapkamerraam klimmen wanneer de deur van je kamer open gaat.