A en B, jullie zijn beide aan het backpacken in Zuidoost-Azië.
A, jouw reis kan niet beter. Je hebt de mooiste dingen gezien, wat je ook allemaal vakkundig hebt vastgelegd op The Gram. Je had de mazzel bij die ene zonsopkomst en de mensen zijn allemaal uiterst vriendelijk. Vorige week heb je, na een fullmoon party, je bovenste hostelbedje gedeeld met die ene leuke persoon. Die was de volgende ochtend weliswaar er vroeg vandoor, maar met jouw geluk weet jij zeker dat je die persoon nog wel tegen zult komen. En verrek. Na en paar dagen te hebben genoten van een gratis upgrade in een pittoresk resort, blijkt op het busstation die ene persoon te staan….
B, jouw reis is kut. Jaren heb je gespaard voor deze levens-veranderende droomreis, maar in plaats van jezelf te vinden, ben je bijna alles verloren. Op dag 2 al was je portemonnee gestolen en je bent al minimaal vier keer afgezet. Je hebt de moed maar opgegeven en het op een drinken gezet. Vorige week ben je nog na een of ander fullmoon feestje met de eerste de beste persoon naar het hostel gegaan. Wat een slechte nacht. Die hoef je nooit meer te zien. En nu sta je hier dan, bij het busstation in een of ander godvergeten oord, op de bus te wachten. Het duurt en duurt, en wie staat daar?
A, op weg naar je vakantieadres krijg je een lekke band. Je zet de auto aan de kant en gelukkig komt er een behulpzame wandelaar naar je toe.
B, jij bent deze wandelaar. Jouw plan is gelukt.
Eigenlijk zijn jullie verliefd op elkaar, maar tot nu toe hebben jullie dit geen van beiden laten blijken.
Robin, jij bent afdelingshoofd en je staat op het punt Jules te ontslaan, omdat je vermoedt dat er een onhoudbare situatie gaat ontstaan. Je hebt er wel heel veel moeite mee, maar het kan niet anders
Jules, jij weet dat Robin richting het hogere management een iets te rooskleurig beeld heeft geschept van de winstcijfers van de afdeling. Dat weet je, omdat jullie dat samen bekokstoofd hebben.
Jullie staan bij de printer. Er zit een blaadje vast.
Persoon A, 2 jaar geleden ben jij naar Nederland verhuisd omdat dat het geboorteland is van jouw vader. Nederlands vind je maar een moeilijke taal en op school word je vreselijk gepest. Vandaag ben je na school in elkaar geslagen.
Persoon B, jij bent de vader van persoon A. Eigenlijk dacht je dat jouw dochter het wel fijn vond in Nederland maar nu jouw dochter met een wond in haar gezicht thuis komt wil je toch wel weten wat eraan de hand is.
Jullie zijn twee HRM medewerkers van Talpa. De uitzending van BOOS in net online gegaan. Jullie hebben een bespreking wat te doen.
Speler a. Jij bent van de oude stempel: oude jongens krentenbrood.
Speler b. jij bent geschokt
Speler 1: jij hebt sinds enige tijd een relatie met Speler 2. Hij/zij heeft jou geholpen met een complete update van jouw kledingstijl. Gisteren waren jullie op een feestje, waar jij je nieuwe kleding debuteerde.
Een dronken vriend/vriendin van Speler 2 zei naar aanleiding hiervan tegen je dat je met deze kleding nóg meer bent gaan lijken op de ex van Speler 2, die ooit haar grote liefde was.
Jullie zijn een stel op een romantische vakantie op een zonnige bestemming.
Persoon 1, jij hebt een verrassing voor persoon 2 (of dit een goede of slechte verrassing is mag je zelf bedenken). Je bent al de hele dag de moed aan het verzamelen om de verrassing te delen.
Persoon 2, jij wilde eigenlijk al 3 dagen geleden naar huis.
Persoon 1, je werkt als gastspreker bij veel grote bedrijven. Tijdens jouw werk spreek jij op verschillende evenementen en wordt jouw verblijf en eten betaald door het bedrijf dat jou inhuurt. Je goede vriendin Persoon 2 heeft het niet breed en daarom nam je haar geregeld mee wanneer je weg ging voor je werk.
Persoon 2, jij keek altijd op van deze luxe, de heerlijk ontbijtjes en extravagante diners. Als bedankje hiervoor heb jij, als verrassing Persoon 1 op een uitje getrakteerd. Jullie hebben gisteren lekker gewandeld, een klein patatje gegeten en vannacht verbleven jullie in een simpel hotelletje.
Persoon 1, dit alles was onder jouw standaarden, het eten was simpel, er sliep een drugsbende boven jullie en je hebt de hele nacht geen oog dicht gedaan.
Als overmaat van ramp, blijkt het ontbijt te bestaan uit een simpel beschuitje met wat verlepte aardbeien. Je bent ‘not amused’. Jullie lopen het hotel uit om nog een dagje te wandelen. Je worstelt met de gedachte om Persoon 2 niet nog eens mee te nemen op een werktripje.
Jullie zijn vrienden en staan jullie klaar te maken voor een nieuwe stapavond.
A, jij hoopt dat je crush er vanavond weer is. Je hebt je voorgenomen om deze keer echt iets tegen hem/haar te zeggen. Je hebt de openingszin al in gedachten.
B, wat A niet weet is dat jij vorig jaar al met diens crush naar bed bent geweest.
Psycho Killer – Talking Heads
Persoon 1 en 2. Jullie hebben elkaar leren kennen tijdens de AM; anonieme moordenaars. Een supportgroep voor mensen met een onbedwingbare drang tot moorden. Anonimiteit neemt deze groep zeer serieus, jullie kennen elkaar enkel via jullie killer naam en kennen elkaars gezicht niet door de maskers die jullie tijdens de bijeenkomsten dragen.
Ladykillah, jij bent sinds een maand de sponsor van Robin Hood , die pas kort bij de groep is. Je hebt zojuist van Robin Hood een noodoproep ontvangen, iets wat jullie naar elkaar moeten verzenden wanneer jullie een drang voelen. Vanuit de groep hebben jullie de instructies gekregen om de termen letterlijk te verbloemen. Moorden moeten jullie tuinieren noemen. De slachtoffers zijn planten. Natuurlijk dragen jullie ook nu jullie maskers.