Moeder heeft altijd hard gewerkt verschillende schoonmaak baantjes productievermogen, enz. Alles zodat de kinderen het beter hadden.
Dochter, jij kon goed leren en hebt snel carrière gemaakt. Je bent je moeder dankbaar maar je merkt ook dat je in je nieuwe werk niet praat over je moeder omdat je je schaamt over haar afkomst
Jullie hebben al 10 jaar een relatie. Het begon spetterend. De passie spatte er van af. In die tijd hebben jullie elkaar gesteund in moeilijke omstandigheden. Dit heeft jullie band sterker gemaakt. Maar nu is de rust weer gekeerd. De rust is ook verstikkend en alle dagen lijken op elkaar. Jullie hebben net ontbeten en de hele zaterdag ligt voor jullie.
Het werd zomer – Rob de Nijs
Esther: jij hebt een zoon van 19, een cadeautje dat je overhield aan een nachtelijk avontuur met een jochie van 16, jij was destijds 28… Je zoon is een schat, maar zeker niet zo mannelijk als zijn vader toen al was, hij kan je niet eens helpen met het sjouwen van deze dozen!
Paul: de hele ochtend zie je haar al sjouwen, je nieuwe buurvrouw. Iets in haar maakt dat je blijft kijken. Je besluit haar maar eens je hulp aan te bieden.
Persoon 1, jouw dochter (persoon 2) is jaren geleden in het geheim naar Syrië vertrokken om zich aan te sluiten bij IS. Jarenlang hebben jullie alleen digitaal contact gehad en deze maand heeft Nederland je dochter en vier andere vrouwen, met hun kinderen, terug gehaald naar Nederland. Haar kinderen (jouw kleinkinderen) wonen bij jou in. Je hebt je ingeschreven voor het bezoekuur van de gevangenis.
Je mag zo dadelijk kort met je dochter bellen. De kinderen zijn niet mee, maar je hebt een brief van haar zoon bij je.
A en B zijn buren in een portiekflat.
Ze kunnen goed met elkaar opschieten, ze lopen gemakkelijk bij elkaar naar binnen.
Het is vandaag oud-papierdag.
A zet het papier beneden in de portiek.
A scharrelt wat in het papier dat er al staat.
A vind een staatslot van deze maand. Thuis checkt A op de website het lot. Er is een prijs van € 200.000,- op gevallen.
B had al eerder het papier beneden gezet.
B ordent nog wat spullen in de kamer.
B ziet de envelop van het staatslot liggen: leeg.
Heeft B per ongeluk het lot weggegooid i.p.v. de envelop?
A komt opgewonden binnen bij B.
Persoon 1, jij bent jaren geleden verzwolgen geraakt door een loverboy. In de trance van de loverboy heb je gebroken met je familie en vrienden en vreselijke herinneringen opgebouwd. Een die je gewaarschuwd had voor ex was persoon 2.
Voordat jullie het contact verbroken hebben jullie een grote ruzie gehad. Persoon 2 waarschuwde je, maar jij wilde niet luisteren. Je hebt je los weten te breken uit de klauwen van je ex en bent met veel moeite weer opgenomen door je familie.
Persoon 2 heb je al die tijd niet gezien, tot jullie elkaar tegen het lijf lopen bij de diepvriesafdeling van de supermarkt.
Jullie zijn vrienden en staan jullie klaar te maken voor een nieuwe stapavond.
A, jij hoopt dat je crush er vanavond weer is. Je hebt je voorgenomen om deze keer echt iets tegen hem/haar te zeggen. Je hebt de openingszin al in gedachten.
B, wat A niet weet is dat jij vorig jaar al met diens crush naar bed bent geweest.
Dochter: je bent bij je vriendje geweest eten en hij heeft aangeboden je naar huis te brengen. Dan gebeurt er iets vreselijks, jullie worden aangereden. Het enige wat je je kan herinneren is geschreeuw, pijn en je vriendje die je naam roept. Ondertussen is het alweer 3 weken verder, een hele lange tijd heb je in coma gelegen en je bent nu eindelijk zover in je revalidatie dat je weer goed kan praten en denken.
Moeder: jij bent natuurlijk heel erg geschrokken door wat er met jouw dochter is gebeurt. Je moet haar alleen iets heel vervelends vertellen, namelijk dat haar vriendje het auto-ongeluk niet heeft overleeft. Ook is het zo dat ze met opzet zijn aangereden en de dader nog steeds niet is gevonden.
Persoon 1, jij hebt op jonge leeftijd een relatie gehad waaruit persoon 2 is geboren. Jij vond jezelf niet geschikt als ouderfiguur en bent toen persoon 2 twee jaar oud was, in het holst van de nacht vertrokken.
Persoon 2, jouw vader/moeder heeft altijd tegen je verteld dat persoon 1 geen goed mens was en dat jullie beter af waren zonder hem/haar. Je hebt sinds je twee was dan ook geen contact meer gehad met persoon 1. Jouw moeder/vader is twee maanden geleden overleden en vorige week heb je een kaartje van persoon 1 ontvangen met een verzoek tot een ontmoeting.
Vandaag hebben jullie een lunchafspraak en ontmoetten jullie elkaar in een hele lange tijd weer.
Speler 1: Je bent 35 jaar. Nog maagd. Je woonde tot nu bij je ouders. Maar je hebt elders werk gevonden en gaat nu verhuizen naar een andere plaats. Je ouders vinden dat je nu aan de man / vrouw moet. Zij hebben een afspraak gemaakt met een datingbureau in het dorp. Je bent opgevoed in een orthodox christelijk gezin en woonde al die tijd in een dorp op de bible belt. Je gaat naar het datingbureau, vooral met de intentie om nu eindelijk eens “los” te kunnen gaan en seks te hebben.
Speler 2: Je runt een christelijk datingbureau. Je klandizie komt uit de omgeving, gelegen in de bible belt. Het is niet ongewoon dat de ouders jou vragen iets te zoeken voor hun kind.