Het improvisatie format ‘De Vloer op’ is een Nederlands televisieprogramma, ontstaan in 2000. Aan de hand van een korte casus spelen de acteurs een geïmproviseerde scène.Wat wij zo tof vinden aan dit format is dat het altijd weer verrassend is. Het combineert acteren en improviseren met schrijven, drie elementen die we vaker opzoeken. Omdat de casussen vaak realistisch zijn, kan het publiek zich goed verbinden met dat wat er op het podium gebeurt. Het format leent zich ook voor creativiteit en eigen invulling, niet alleen voor de spelers, maar ook voor de schrijver.

Om meer oefen- en speelmateriaal te hebben willen we graag verhalen uitwisselen. Bekijk ons (groeiende) aanbod aan ‘De Vloer op’ scènes.

We horen graag hoe onze verhalen door jullie gespeeld werden en als of zelf ook  mooie situaties hebt, laat het ons weten

Tip bij het spelen; verander ‘persoon #’ in de naam van je speler.


Het staatslot

A en B zijn buren in een portiekflat.
Ze kunnen goed met elkaar opschieten, ze lopen gemakkelijk bij elkaar naar binnen.
Het is vandaag oud-papierdag.
A zet het papier beneden in de portiek.
A scharrelt wat in het papier dat er al staat.
A vind een staatslot van deze maand. Thuis checkt A op de website het lot. Er is een prijs van € 200.000,- op gevallen.

B had al eerder het papier beneden gezet.
B ordent nog wat spullen in de kamer.
B ziet de envelop van het staatslot liggen: leeg.
Heeft B per ongeluk het lot weggegooid i.p.v. de envelop?

A komt opgewonden binnen bij B.


Wat gaan we nu doen?

2 jaar geleden maakten jullie een belangrijke keuze in jullie leven; jullie zouden voor een jaar in Noorwegen gaan wonen en werken. Alles zette hiervoor in werking.

Maar Corona brengt roet in het eten. Maanden hebben jullie gehoopt dat de grenzen weer open zouden gaan, twee weken geleden was het zover, ze gingen open en vandaag zouden jullie met de boot gaan. Maar terwijl jullie je naar de boot haastten kregen jullie het bericht dat de grenzen van Noorwegen een uur geleden gesloten zijn, jullie boottocht is gecanceld.

Jullie staan op een parkeerplaats langs de snelweg ergens in Denemarken.


Ik had nog zo gezegd

Daughters – John Mayer

Lotte jij zat in een toxic relatie, vannacht heb jij je na een heftige ruzie de knoop doorgehakt en hebt besloten om bij je vriend weg te gaan. Je hebt een paar spullen gepakt en hebt midden in de nacht je vader opgebeld of hij je op wilde halen.

Arjen jij had geen warme band met je vader. Voordat je dochter was geboren heb je beloofd om het anders te doen. Door je drukke baan is dat niet helemaal gelukt. Maar nu je dochter heeft gebeld heb je haar opgehaald. Jullie komen in het ouderlijk huis waar Lotte in de logeerkamer mag verblijven.


Mama Said

Mama Said – Metallica

Jullie zijn broers/broerzus/zussen. Jullie opvoeding werd gedaan door jullie moeder nadat jullie vader op vroege leeftijd is verdwenen. Hierdoor was jullie moeder erg beschermend en streng geworden naar jullie toe. Zodra je al keek naar een skateboard of een broek met te wijde pijpen werd je direct gestraft. En waag het niet om naar je vader te vragen!

A: Jij bent de oudste en raakte daardoor als eerste in de pubertijd. Uiteraard begon jij je te verzetten tegen je moeder. Thuiskomen met ongure types, huiswerk niet meer doen en muziek luisteren die de duivel (je moeder) verboden had. De ruzies tussen jou en je moeder werden steeds maar erger en erger. Tot het moment dat de ruzie dusdanig uit de klauwen liep dat jij je moeder een klap gaf en vertrok. Je hebt nooit meer iets van je laten weten. En nu na jaren sta je opeens weer op de stoep.

B: Nadat A was vertrokken was je moeder niet meer dezelfde. Ze raakte in een enorme depressie en was niet meer voor reden vatbaar. Ondanks dat jij een stuk jonger was, moest je opeens voor je moeder zorgen. Dit deed je naar je beste kunnen, maar je moeder is alsnog overleden aan de gevolgen van haar depressie. Nu gaat de deurbel opeens en daar staat je broer/zus opeens weer. Degene die jij al die tijd verantwoordelijk hebt gehouden voor de toestand van je moeder.


Lovely day

Lovely Day – Bill Withers

Jullie zijn getrouwd, al 49 jaar.

Persoon 1, jij hebt dementie.

Persoon 2, jullie wonen beiden nog thuis en jij verzorgt Persoon 1 waar dat kan met heel veel liefde.

Jullie vouwen samen de was op, zojuist was het eerste moment dat P1 jou niet meer herkende.


Die kinderen van de nacht van tegenwoordig

Persoon 1: jij bent een vampier. Al eeuwen zwerf jij door Europa op zoek naar slachtoffers én, heel soms, uitverkorenen om tot vampier te maken. Tegenwoordig is dat makkelijker dan verwacht: je vindt je slachtoffers via verschillende dating- en seks-apps. Uitverkorenen zijn er echter minder, maar ja, de lat ligt hoofd.

Onlangs heb je persoon 2 ontmoet, die uitermate geschikt zou zijn als nobele vampier. Na veel intense chats en een paar dates, zorgvuldig gepland om jouw vampirisme te verbergen, heb je hem/haar gister tot vampier gemaakt.

Persoon 2: Er komt natuurlijk veel op je af nu. Gister was je gewoon een woke millennial/Gen Z’er, op zoek naar liefde, vandaag ben je een ondood kind van de nacht. Persoon 1 lijkt ook hoge verwachtingen van je te hebben en wil je veel leren. Jij voelt je echter nogal ongemakkelijk, want dit is allemaal zonder jouw consent gebeurd. En hoe gaat het vampirisme samen met jouw veganisme?


Hou je van mij of van mijn geld?

Persoon 1, persoon 2: Jullie zijn al een tijdje aan het daten. Jullie vinden elkaar heel leuk alleen nu blijkt dat er iets tussen jullie in staat. Een van jullie houdt al een tijdje verborgen dat die uit een rijke familie komt, uit angst dat de ander dan dit als reden gaat zien om de relatie goed te houden. Jullie hebben net de nacht samen doorgebracht.


Spannend

2 spelers. Jullie hebben een date. Jullie hebben wel gechat, maar nog geen foto’s uitgewisseld. Om het spannend te houden. Jullie hebben afgesproken in een park en hebben beiden een paraplu in je handen om elkaar te kunnen herkennen. Kom je in het park op de afgesproken plek: zit je partner op het bankje; jullie zijn 12 jaar getrouwd.


Roofkunst

Persoon 1: In de tweede wereld oorlog is een belangrijk erfstuk van jullie familie door de Duitsers afgenomen. Jij bent hier altijd zeer verbitterd door geweest.

Persoon 2: jij weet dat je grootouders grootste wens is dat het erfstuk terug komt. Na een grote zoektocht heb je het erfstuk gevonden en is het je gelukt om het erfstuk in je bezit te krijgen. Je gaat het dadelijk vol trots aan persoon 1 presenteren. Wat die niet weet is dat de vorige eigenaren het eigenlijk niet af wilden geven, ook jij hebt het dus geroofd.


Papa

Vader
Net na de oorlog is jouw oudere broer overleden door het spelen met een handgranaat. Tot op heden kun jij de beelden nog voor je zien. Je hebt dit zo goed mogelijk weg gestopt. Jij was ineens oudste zoon in een groot gezin. Waarbij je al vroeg moest werken voor de kost jij werkte hard. Overdag in de avond en op zaterdag. Jij wilde dat jouw kinderen het beter hadden. Zo kon je jongste zoon ook pony rijden. Dit heeft hij een aantal jaren gedaan.
Zoon
Jij bent een gevoelige wat verlegen jongen. Jij vond het paardrijden absoluut niet leuk. Maar je durfde dit niet te zeggen. Dit is gestopt omdat je naar de middelbare school ging.. alles wat je wilde is dat je vader trots op je was. Dat je vader zijn broer is verloren heb je rond je 18e gehoord. Dit alles blijft toch wat door je hoofd spelen. Nu zijn jullie fotoboeken aan het uitzoeken want moeder is een halfjaar geleden overleden.