Persoon 1, persoon 2, jullie zijn al jaren lang goed bevriend met elkaar en gaan elk jaar samen op vakantie. Het is elk jaar een andere plek maar de inhoud is hetzelfde; tentje, mooie omgeving en overdag doen jullie iets actiefs. Vandaag zouden jullie gaan kanoën, maar er is gisteravond iets gebeurt. Vanmorgen wilde Persoon 1 niet meer bij persoon 2 in de kano stappen en dus hebben jullie elk een eigen kano. Jullie zijn jullie tocht over de rivier in stilte begonnen, maar de vraag is hoe lang het stil blijft.
Jullie zijn twee jeugdvrienden en kennen elkaar al heel lang. Jullie hebben het plan opgepakt om een roadtrip te maken van het noorden van Amerika naar het zuiden van Amerika. Avontuurlijk als jullie zijn hebben jullie weinig gepland. Jullie hebben een half jaar uitgetrokken daarvoor. De een heeft lfb uren gespaard, de ander heeft zijn baan opgezegd.
Jullie zijn anderhalve maand op pad. Vandaag hebben jullie vooral saaie snelwegen gezien en jullie gespreksstof is ook bijna op. Tot overmaat van ramp zijn jullie verkeerd gereden. Jullie wilden ouderwets met een kaart de route uitzetten. Uitgeput komen jullie op jullie bestemming aan.
Persoon 1: Jij bent gelukkig getrouwd, al een hele tijd. Er is alleen één nadeeltje; je partner appt niet gelijk terug. Jij moet soms minuten, kwartieren wachten op een antwoord op jouw gifjes en berichten. Jij hebt al eerder aangegeven dat je dit vervelend vindt. Maar vandaag moest je wel anderhalf uur wachten.
Je besluit Het te bespreken.
Persoon 1, jouw moeder heeft je voor de coronacrisis opgesloten in de hoop dat jij geen corona zou krijgen. Je zit hier nu al twee jaar en het heeft gewerkt: tot op heden heb jij geen corona gekregen. Maar ja, je leven is afschuwelijk. Je had lang niemand gezien totdat Persoon 2 daar in eens onder aan je toren staat.
Persoon 2, jij komt sinds die ene ontmoeting elke dag even langs. Jullie zijn dol op elkaar en fantaseren geregeld over een leven samen wanneer Corona weg is. Persoon 2, je probeert Persoon 1 al een tijd te overtuigen om los te breken uit de toren. Je wil graag nu al een leven met haar starten.
Wat Persoon 1 alleen niet weet is dat jij niet gevaccineerd bent.
Stranded in a Limosine – Paul Simon
A, toen je terug kwam van de wc op het tankstation, was de flixbus al weggereden.
B, jij hebt bewust de bus weggestuurd.
Jullie zijn al jaren een stel en iedereen kent jullie ook als zodanig. Jullie houden enorm van de geborgenheid en zekerheid bij elkaar. En zoals elk jaar, bespreken jullie in april waar jullie zomerreis heen zal gaan. Al jaren lang kiest één van jullie op deze avond de vakantiebestemming. De ander accepteert. Dit heeft veel mooie vakanties opgeleverd. En iedereen is altijd jaloers op ‘jullie tripjes’.
Vanavond is het weer DIE avond. Dit jaar is het jaar van A, met alle voorbereidingen van dien. Jullie zitten samen aan de IJssel te genieten van de eerste ondergaande lentezon. Gaat jullie vakantie er weer zo mooi uit zien?
A en B, jullie zijn beide aan het backpacken in Zuidoost-Azië.
A, jouw reis kan niet beter. Je hebt de mooiste dingen gezien, wat je ook allemaal vakkundig hebt vastgelegd op The Gram. Je had de mazzel bij die ene zonsopkomst en de mensen zijn allemaal uiterst vriendelijk. Vorige week heb je, na een fullmoon party, je bovenste hostelbedje gedeeld met die ene leuke persoon. Die was de volgende ochtend weliswaar er vroeg vandoor, maar met jouw geluk weet jij zeker dat je die persoon nog wel tegen zult komen. En verrek. Na en paar dagen te hebben genoten van een gratis upgrade in een pittoresk resort, blijkt op het busstation die ene persoon te staan….
B, jouw reis is kut. Jaren heb je gespaard voor deze levens-veranderende droomreis, maar in plaats van jezelf te vinden, ben je bijna alles verloren. Op dag 2 al was je portemonnee gestolen en je bent al minimaal vier keer afgezet. Je hebt de moed maar opgegeven en het op een drinken gezet. Vorige week ben je nog na een of ander fullmoon feestje met de eerste de beste persoon naar het hostel gegaan. Wat een slechte nacht. Die hoef je nooit meer te zien. En nu sta je hier dan, bij het busstation in een of ander godvergeten oord, op de bus te wachten. Het duurt en duurt, en wie staat daar?
Daughters – John Mayer
Ouder en dochter. Jullie zijn net een week terug van avontuurlijke 3 weken Vietnam, waarin jullie samen hebben geraft, gehiket en zelfs een bungeejump hebben gedaan. Kind, het was onwijs gaaf om zo drie weken met je ouder op stap te zijn. Je had nooit geweten dat die zo avontuurlijk was! Behalve wanneer je je bezeerde, dan kwam die verstikkende zorgzaamheid weer naar voren.
Ouder, deze vakantie heeft jou tot een nieuw inzicht geleid; je hebt de afgelopen tijd een besluit genomen, iets wat je nu dolgraag met je dochter wil delen.
Kind, jij hebt zojuist bij binnenkomst je schouder tegen de deurpost gestoten
Material girl – Madonna
Paul, jullie date nu een tijd met Tessa. Je bent dol op haar en in het begin overlaadde je haar met cadeautjes. Een vriend van jou sprak jou hierop aan; hoe wist je op die manier zeker of zij voor jou koos en voor de cadeaus? Je stopte dus een tijdje helemaal met de cadeaus. Tessa lijkt sindsdien afstandelijker. Je besluit haar te vragen waar dit vandaan komt.
Persoon 1, jij bent na 15 jaar trouwe dienst zojuist plotseling ontslagen. Je hebt je werk altijd met veel plezier gedaan en je ontslag zag je totaal niet aankomen. Er lijkt ook een niet duidelijk aanwijsbare reden te zijn.
Persoon 2, jij hebt zojuist persoon 1 moeten ontslaan. Aangezien persoon 1 ontroostbaar was, biedt je aan met hem/haar mee het pand uit te lopen.
Jullie staan samen in lift wanneer deze plots vast komt te zitten.