Right Next Door – Robert Cray
Je bent de buurman. Je hebt al een tijdje een affaire met je buurvrouw. Voor jou is het niet meer dan een spannend avontuurtje. Zojuist is haar man na een hevige ruzie het huis uit gegaan. Nu komt de buurvrouw vol verwachting naar je toe. Ze lijkt te denken dat dit het moment is om jullie relatie naar een volgend niveau te tillen.
Jullie zijn getrouwd, hebben vier kinderen samen.
Persoon 1 jij bent lang geleden gestopt met werken om bij de kinderen te blijven. Je hebt met veel liefde voor ze gezorgd en het zijn nu vier gezonde pubers.
Persoon 2, jij bent lang geleden verliefd geworden op de secretaresse en hebt besloten om te scheiden van je partner.
Persoon 1, doordat jij een gat op je CV hebt, kom jij moeilijk aan werk en hoewel jullie nu een tijdje gescheiden zijn, kun jij geen eigen huis vinden.
Persoon 2, je wil gaan samen wonen met je nieuwe liefde, dat betekent dat persoon 1 met de kinderen uit huis zal moeten.
Bilie Jean – Michael Jackson
Christian, een half jaar geleden ben jij vader geworden. Hoewel je dol op je zoon bent, gaat het niet goed tussen zijn moeder en jou. Dat is ook niet zo gek, jullie kwamen elkaar tegen in een discotheek en hadden een one-night stand samen. Een tijdje later vertelde ze je dat ze zwanger was en dat ze het wilde houden.
Jij hebt destijds de keuze gemaakt er voor jouw zoon te zijn, maar het leven valt je zwaar. Je hebt een goede band met Arjen, de broer van jouw partner en besluit hem om raad te vragen.
Persoon 1, jij bent jaren geleden verzwolgen geraakt door een loverboy. In de trance van de loverboy heb je gebroken met je familie en vrienden en vreselijke herinneringen opgebouwd. Een die je gewaarschuwd had voor ex was persoon 2.
Voordat jullie het contact verbroken hebben jullie een grote ruzie gehad. Persoon 2 waarschuwde je, maar jij wilde niet luisteren. Je hebt je los weten te breken uit de klauwen van je ex en bent met veel moeite weer opgenomen door je familie.
Persoon 2 heb je al die tijd niet gezien, tot jullie elkaar tegen het lijf lopen bij de diepvriesafdeling van de supermarkt.
Julia, jij wilde afreizen naar het jaar 2345, maar daar aangekomen, lijkt er toch iets mis te zijn gegaan. Je bent aangekomen in het jaar 1545 en je bevindt je op een slavenschip. Arjen, jij bent slavenhandelaar en er bevindt zich ineens een witte vrouw op jouw schip.
Jullie zijn een stel en hebben veel moeite gedaan om zwanger te worden. Dit is door wat medische hulp ook gelukt. Nu hebben jullie een weekend je weg geboekt naar Maastricht om een beetje tot rust te komen. Een van de twee is echter verliefd geworden op een ander.
Zwart Wit – Frank Boeijen groep
Jullie zijn broer en zus. Toen jullie opgroeiden waren jullie twee handen op één buik en konden uren spelen en kattenkwaad uithalen.
Echter in jullie pubertijd kreeg jij (Arjen) verkeerde vrienden en werd skinhead. Toen jij 16 was heb je vanuit een racistisch motief een donkere jongen vermoord. Je werd opgepakt en kreeg door de rechter dwangverpleging opgelegd Een jaar nadat je vrij kwam heb je nog een misdaad gepleegd waar je vijf jaar voor hebt moeten zitten. Daarna bleef het sappelen. Met een strafblad krijg je niet snel een baan.
Esther, door wat jouw broer gedaan heeft, ben jij gaan strijden tegen discriminatie en voor gelijke rechten. Jij hebt daardoor veel aanzien gekregen en twee jaar geleden kreeg je voor jouw werk een lintje.
Jullie hebben geen contact meer gehad tot vorig jaar jullie moeder overleed. Jullie troffen elkaar op haar begrafenis. Bij het afhandelen van het testament bleek dat haar grootste wens was dat jullie elkaar weer spraken en de familieband herstellen. Nu hebben jullie afgesproken in een rustig hofje.
Deze casus is losjes gebaseerd op de (racistische moord) op Kerwin Duinmeijer in augustus 1983
Persoon 1, jij moet binnenkort verhuizen naar een ander, kleiner huis. Je hebt veel van je dagelijkse spullen al ingepakt, maar weet dat de grootste klus nog moet komen; de zolder.
Hier ligt alles van jouw zoon opgeslagen, die tien jaar geleden door een auto-ongeluk om het leven is gekomen. Je weet dat je niet alles mee kunt nemen, maar vindt het moeilijk om te bepalen welke dingen weggaan en waar dan heen.
Je hebt je vriendin Persoon 2 gevraagd om te komen helpen bij het inpakken.
Persoon 2, Persoon 1 heeft jou van te voren gevraagd sterk, rigoureus en steunend te zijn bij deze opruimactie.
Jullie hebben al 10 jaar een relatie met elkaar. Maar in die 10 jaar is persoon 1 structureel vreemd gegaan. Persoon 2 komt hier elke keer achter, er volgt een dikke ruzie, persoon 1 belooft beterschap en uiteindelijk vergeeft persoon 2 het.
Elke keer wordt het vergeven moeilijker en elke keer zegt persoon 2 dat het de laatste keer is dat je het pikt.
Persoon 2 is er net achter gekomen dat het weer is gebeurd. Persoon 1 komt zo dadelijk thuis van het werk, jullie vieren vanavond jullie 10 jarig jubileum met een uitgebreid dinertje met z’n tweeën.
Persoon 1 (vader/moeder): in de vroege jaren tachtig was jij universitair onderzoeker in West-Duitsland. Op een dag hebben je partner en jij jullie kinderen halsoverkop meegenomen naar Oost-Duitsland, onder het mom van een dodelijk zieke oma. Bij het tankstation op de weg naar Berlijn bleken er echter Stasi-agenten te wachten en vertelden jullie het echte verhaal: jij was voor de DDR. Omdat jullie op het punt stonden gearresteerd te worden, zijn jullie naar Oost-Duitsland gevlucht.
Persoon twee (kind): jouw broer/zus was meerderjarig en kon dus op eigen houtje terug naar de BRD. Jij moest echter blijven en werd met je ouders DDR-burger. Je ouders beloofden je dat het daar het paradijs was, maar al snel realiseerde je, dat niets minder waar was. Je weet niet of je ouders hetzelfde dachten.
Lees verder “Heilstaat”