Jullie zijn een jong stel dat samen op vakantie is in Texas. Jullie hebben ondervonden dat vakanties de ultieme relatietest zijn en het is maar de vraag wat eerder ophoudt; jullie vakantie of de relatie.
Jullie staan voor de volgende uitdaging: jullie zijn vast komen te zitten in een hevige thunderstorm.
Persoon 1, jij zit achter het stuur maar durft op dit moment niet meer verder te rijden.
Persoon 2, jij zou wel verder willen rijden maar kunt de auto niet uit met het hevige onweer boven jullie. Er zit voor nu dan ook niets anders op dan wachten.
Het is 3 uur ‘s nachts als je beneden gestommel hoort. Snel zoek je naar iets wat op een wapen lijkt en even later duw je met de stofzuigerslang in de aanslag voorzichtig de keukendeur open. De tafel ligt al vol met spullen en op dat moment komt een hoodie door de huiskamerdeur naar binnen en blijft verbijsterd staan. 10 seconden kijken jullie elkaar verbijsterd aan. Robin!!? Jules?!?
Persoon 1 en Persoon 2, jullie zijn allebei nonnen in een orthodox katholiek klooster.
Persoon 2, jij bent hier als kind zijnde al gekomen en Persoon 1, jij woont nu een jaar in het klooster. Jullie leven sober en houden een ritme aan van 8 uur werken, 8 uur bidden en zingen en 8 uur rust.
Persoon 1, Persoon 2 is jouw mentor en heeft jou al sinds het begin van je komst onder haar hoede genomen. Jullie hebben wekelijk mentor momentjes waarin jullie vrij zijn om zonder het oog van God te kunnen spreken. In jullie vorige mentormomentje kreeg jij het gevoel dat Persoon 2 hier als kind zijnde niet in vrije keus is gekomen. Hoewel de mentormomentjes vooral op jou gericht zijn, besluit jij bij aankomend mentormoment Persoon 2 hier eens naar te vragen.
Jullie zijn moeder en zoon/dochter. Je zoon is al 19 en begint steeds meer zijn eigen boontjes te doppen. Nu heb je gehoord dat je zoon bedreigd wordt door een aantal mensen van het clubje waar je zoon sleutelt aan zijn auto.
Zoon, jij sleutelt graag aan je auto, je hebt van iemand van het groepje een set bumpers gekregen. Maar achteraf kreeg je hier veel gedoe mee. Die jongen die zegt dat je moet betalen terwijl het leek of jij de bumpers gratis kreeg. Je hebt je moeder wel iets verteld maar wil haar ook niet te veel belasten. Je bent immers volwassen.
Persoon 1; voor je verjaardag heb je van persoon 2 een staatslot gekregen. Bij de trekking van vandaag blijk jij de hoofdprijs van 4 miljoen te hebben gewonnen. Je bent natuurlijk door het dolle heen en daarom besluit je dat je graag persoon 2 mee uit eten wil nemen. Je belt bij die aan om het goede nieuws te delen.
Persoon 1: rond je elfde leverde een uil een toelatingsbrief af voor Toverburg – de meest prestigieuze toverschool van Nederland. Tot dan toe onbekend voor jou. Omdat jij de een van de weinige leerlingen van niet magische afkomst was, werd je onder de vleugel genomen door Persoon 2 – de gerespecteerde en wijze hoofdmeester(es) van de school.
Je begon enthousiast, maar nu ben je gedesillusioneerd, ook al ben je misschien wel de beste leerling van de school. Binnenkort is je eindexamen, maar je weet dat je niets aan je diploma zal hebben. Niet in de toverwereld, want daar draait het alleen maar om afkomst en familie. Niet in de gewone wereld, want aan vakken als wiskunde, taal, economie, etc. doen ze niet op Toverburg. Je denkt daarom aan stoppen.
Persoon 2: je maakt je zorgen over persoon 1. Hij/zij is de enig overgebleven leerling met een niet-magische afkomst. Als hij/zij stopt, zit je met een probleem: Ministerie van Magische Zaken zet de subsidies stop of, erger nog, ze ontslaan je, omdat je niet aan hun diversiteitseisen kan voldoen.
Vanavond is jullie wekelijkse schaak-avond.
Dochter: je bent bij je vriendje geweest eten en hij heeft aangeboden je naar huis te brengen. Dan gebeurt er iets vreselijks, jullie worden aangereden. Het enige wat je je kan herinneren is geschreeuw, pijn en je vriendje die je naam roept. Ondertussen is het alweer 3 weken verder, een hele lange tijd heb je in coma gelegen en je bent nu eindelijk zover in je revalidatie dat je weer goed kan praten en denken.
Moeder: jij bent natuurlijk heel erg geschrokken door wat er met jouw dochter is gebeurt. Je moet haar alleen iets heel vervelends vertellen, namelijk dat haar vriendje het auto-ongeluk niet heeft overleeft. Ook is het zo dat ze met opzet zijn aangereden en de dader nog steeds niet is gevonden.
Paul, het verhaal gaat dat jouw aantrekkelijke buurvrouw weduwe is geworden doordat zij haar man heeft vermoord. Jij en de andere buurmannen hebben het er vaak over. Jij wil het met name niet geloven want je buurvrouw is een moordvrouw, om te zien dan! Maar de andere buurmannen hebben je uitgedaagd om erachter te komen wat haar verhaal is. Jij hebt je vooral voorgenomen om haar volgende slachtof.. echtgenoot te worden.
La ballade de gens heureux – Gérard Lenorman
Speler A. Je hebt je beste vriend(in) uitgenodigd voor een weekje in dit huisje in Frankrijk. Je voelt je voor het eerst in jaren écht goed: je hebt een nieuwe baan, bent gestopt met drinken, en het leven lacht je weer toe. Je snapt alleen niet waarom Daan zo lauw reageert.
Speler B. Je bent meegekomen, maar eigenlijk is het ongemakkelijk. A was altijd degene bij wie het slechter ging dan bij jou. Dat gaf rust, overzicht, misschien zelfs een gevoel van betekenis. Nu lijkt hij ineens beter in zijn vel te zitten dan jij — en dat schuurt
The Pina Colada Song van Rupert Holmes
Speler 1, jij bent je partner een beetje zat, jullie zijn al te lang samen. Terwijl je in bed de krant ligt te lezen zie je een contactadvertentie : als je van Pina Colada’s houdt, rennen in de regen, niet van yoga houdt, lekker gek bent en van seks op het strand houdt, dan ben ik de lief die je zoekt, schrijf dan terug en ontsnap.
Je besluit hierop te reageren en jullie plannen een date.
Speler 2, jij bent de partner van speler 1. Maar je bent hem een beetje zat, jullie zijn te lang samen en daarom heb je een contactadvertentie in de krant gezet.