Persoon 1: Jij bent gelukkig getrouwd, al een hele tijd. Er is alleen één nadeeltje; jij wil graag je verjaardag vieren, maar je partner wil hier telkens niet zo veel aandacht aan geven.
Persoon 2: Jij hebt al een tijd een groot geheim voor je partner, iets waar je liever niet open over bent want je krijgt er vaak vervelende reacties over; jouw ouders zijn allebei Jehova’s. Het vieren van verjaardagen, dat vind je niet iets om bij stil te staan. Je verrast je partner liever op andere momenten, zoals vandaag. Gewoon een dag, uit het niets.
You’re so vain – Carly Simon
Dieke. Je bent een gevestigde psycholoog. Jaren geleden had je iets kortstondigs met Kevin. Dé Kevin. Nog relatief jong, maar hij was al groots – in werk, denken, uitstraling.
Nu zie je hem weer, op een borrel over mentale veerkracht. Iets van toen – bewondering, hoop misschien – zit nog steeds onder je huid. Hij denkt vast dat je hier voor hém bent. En dat maakt je woedend. Omdat het waar is.
Kevin. Je bent succesvol. Bekend van media, boeken, praatprogramma’s over persoonlijke groei. Je weet welke indruk je achterlaat bij de mensen om je heen. Dieke is hier voor jou, dat weet je. Ze was een kort hoofdstuk, maar toch.. als ze maar niet dat ene heeft onthouden wat je ooit alleen tegen haar hebt durven zeggen.
In de rustige pantry treffen jullie elkaar.
Jules, Robin, jullie kennen elkaar via motormaatje.nl en zijn onderweg naar Spanje. Het regent nu al twee dagen en daarom wil Jules liefst zo snel mogelijk via de péages en ‘s nachts in een hotelletje. Robin protesteert omdat dat veel te duur gaat worden. De afspraak was om de Routes Nationale te nemen en te kamperen.
Jullie hebben net de tent opgezet. De douches blijken koud
Persoon 1 en Persoon 2, jullie werken samen op een groot kantoor in Rotterdam. Jullie werken op dezelfde afdeling PR en zijn nogal plagerig-competitief. Graag troeven jullie elkaar af met jullie goede ideeën en hierdoor ontstaat er tussen jullie een symbiose; jullie houden elkaar scherp.
Persoon 2, vorige week heb jij, zonder dat Persoon 1 dat weet, hem afgeluisterd terwijl hij stond te overleggen met een andere collega in het magazijn. Jij hebt zijn masterplan voor een nieuwe reclame gehoord en je moet zeggen, die is wel erg sterk. Maar nu jij hiervan weet, kun je doen alsof het jouw idee was. Hierdoor zal jullie ‘gelijkwaardige’ relatie wel veranderen. Je merkt dat dit idee je een vervelend gevoel geeft en twijfelt dan ook of je zijn masterplan voor je moet houden of moet doen alsof jij dit hebt bedacht.
Jullie zijn schoonzussen.
Suus, jij bent de vrouw van Frank. Je hebt een moeilijke jeugd gehad en nog jaren in de psychiatrie gezeten, maar bent daar uiteindelijk sterker uitgekomen. Je kunt je creativiteit kwijt in je werk als kunstenares. Door je schoonfamilie word je nog altijd gezien als het zorgenkindje. Je neemt je voor je niet meer zo te laten betuttelen.
Claire, je bent de zus van Frank. Het is je altijd voor de wind gegaan en je hebt een glansrijke carrière gemaakt in het bedrijfsleven. Je wordt geprezen om je assertiviteit en je doortastendheid. Je houdt van je familie inclusief aanhang, maar je kunt naast je drukke baan natuurlijk niet te veel tijd in ze investeren.
Jullie (schoon)moeder wordt binnenkort 70 jaar. Claire heeft Suus gevraagd om tijdens Claires lunchpauze bij het bedrijf langs te komen om iets te bespreken. Claire heeft namelijk een fantastisch idee voor het cadeau voor moeder; een portret, geschilderd door Suus. Suus heeft immers toch niet een échte baan en mag zich dan op therapeutische basis nuttig maken.
Ouder en kind.
Ouder, jij zit al een tijdje thuis met een burnout. Je bent van de een op de andere dag afgeknapt op het werk en hebt nu moeite met je energie op pijl houden.
Kind, jij woont bij jouw ouder in en hebt de leeftijd om uit huis te gaan. Je had hier plannen voor maar toen jouw ouder thuis kwam te zitten heb je deze plannen op de langere baan gezet.
Je stoort je al een tijdje aan de rommel in jullie huis en vandaag trek je het echt niet meer.
Jules en Robin, jullie zijn tieners en jullie repeteren voor het toneelstuk dat jaarlijks op De Grote Avond wordt opgevoerd voor alle leerlingen en familieleden in de grote zaal van de schouwburg.
In jullie rol zijn jullie verliefd, maar wat het repeteren echt heel ingewikkeld maakt is dat jullie in het echt ook verliefd zijn op elkaar, maar dat weten jullie niet.
Jullie repeteren nu de scène van de tweede ontmoeting in het park
Speler 1 en Speler 2: jullie zijn beste vrienden/vriendinnen. Een van jullie heeft een paar maanden terug een baby gekregen. Het is die speler opgevallen dat de ander die baby niet graag vast lijkt te houden en vaak nogal obligaat naar het kind vraagt . Dat komt omdat die ander de baby eigenlijk heel lelijk vind, maar dit niet durft te zeggen.
Jullie hebben voor het eerst in lange tijd een afspraak zonder de baby.
Hij is van mij – Kriss Kros Amsterdam, Bizzey, Maan en Tabitha
Nienke
Je bent al jaren samen met je man en minstens zo lang bevriend met haar. Jullie delen alles. Op een bankje, met koffie, voel je dat er iets niet klopt. Haar blik, haar houding… En dan zegt ze iets wat alles op z’n kop zet.
Dieke
Je draagt een groot geheim met je mee. Wat begon als een fout moment, is uitgegroeid tot een affaire met haar man. Het vreet aan je, maar vandaag besluit je het haar te vertellen — wetend dat je alles kunt verliezen.