Persoon 1: Jij bent gelukkig getrouwd, al een hele tijd. Er is alleen één nadeeltje; jij wil graag je verjaardag vieren, maar je partner wil hier telkens niet zo veel aandacht aan geven.
Persoon 2: Jij hebt al een tijd een groot geheim voor je partner, iets waar je liever niet open over bent want je krijgt er vaak vervelende reacties over; jouw ouders zijn allebei Jehova’s. Het vieren van verjaardagen, dat vind je niet iets om bij stil te staan. Je verrast je partner liever op andere momenten, zoals vandaag. Gewoon een dag, uit het niets.
Julia, je rijke man is vaak van huis. Je hoeft niet te werken en komt je dagen dan ook door met cocktails drinken met je buurvrouwen, de poedel uitlaten, je mooi maken en baantjes trekken in je zwembad. Eigenlijk verveel je je dood en ben jij wel in voor een verzetje.
Dat verzetje is de laatste tijd tuinman Patrick. Met zijn zongebruinde gezicht en sterke armen is hij een plaatje om naar te kijken.
Je hebt de uitdaging aangenomen met je vriendinnen om eens te kijken hoever je het kan laten gaan bij hem.
Dochter: jij bent zoals elke dinsdag avond bij jouw vriendje geweest om samen op zijn kleine zusje te passen, alleen gebeurde er iets erg onverwachts. Er werd namelijk ingebroken en ze hebben jouw vriendje neergeschoten, recht voor jouw ogen. Je kon zijn zusje nog net op tijd halen en stiekem ontsnappen. Inmiddels is het 1 week later, jouw moeder is al die tijd op vakantie geweest en je hebt er alles aan gedaan om haar te bereiken, tevergeefs.
Moeder: jij bent lekker een weekje op vakantie geweest en je hebt alles van thuis achter je gelaten, zo ook jouw dochter. Geen idee van wat er zich thuis allemaal afspeelde heb je nooit op de berichten, emails, telefoontjes, brieven en al het andere gereageerd. Nu kom je thuis en wil jouw dochter niet eens hallo tegen je zeggen, tijdens het eten vraag je wat er aan de hand is.
Je oma is een beetje aan het kwakkelen met de haar gezondheid. Jij gaat voor een jaarstage naar Indonesië. Mocht het slechter gaan met oma dan kun je niet zo makkelijk en snel terug naar Nederland. Jij wilt oma vertellen wat jij belangrijk vindt in het contact met haar.
gehaktbal 1: je bent een gehaktbal die gemaakt is in de keuken van een goedkoop Turks restaurant. Ondanks je bescheiden komaf heb je er altijd van gedroomd om te pronken als beste gehaktbal op een authentiek bereide mixed grill.
gehaktbal 2: vanaf het moment dat je gerold bent ben je smoorverliefd op gehaktbal 1 en je bent vastbesloten hem/haar voor je te winnen. Er is nog 1 plek over voor een gehaktbal in de laatste mixed grill van de dag. De rest van de gehaktballen gaat bij de kliekjes. Je hebt net gehoord dat jij de laatste gehaktbal wordt.
Jullie worden nu samen in de pan gelegd.
Persoon 1: jij hebt per ongeluk een belangrijk familie erfstuk naar de kringloopwinkel gedaan, het zat in een kast zonder dat je het doorhad. Je hebt een oproep gedaan om te vragen of de eigenaar van de kast de kast terug wil verkopen (zonder duidelijk te maken dat het erfstuk erin zat).
Persoon 2: Jij hebt de kast gekocht en hebt het erfstuk gevonden. Je weet nog niet of je het terug wil geven.
Persoon 1 (vader/moeder): in de vroege jaren tachtig was jij universitair onderzoeker in West-Duitsland. Op een dag hebben je partner en jij jullie kinderen halsoverkop meegenomen naar Oost-Duitsland, onder het mom van een dodelijk zieke oma. Bij het tankstation op de weg naar Berlijn bleken er echter Stasi-agenten te wachten en vertelden jullie het echte verhaal: jij was voor de DDR. Omdat jullie op het punt stonden gearresteerd te worden, zijn jullie naar Oost-Duitsland gevlucht.
Persoon twee (kind): jouw broer/zus was meerderjarig en kon dus op eigen houtje terug naar de BRD. Jij moest echter blijven en werd met je ouders DDR-burger. Je ouders beloofden je dat het daar het paradijs was, maar al snel realiseerde je, dat niets minder waar was. Je weet niet of je ouders hetzelfde dachten.
Lees verder “Heilstaat”
Persoon 1, jij hebt de nare gewoonte om dingen te ontvreemden van het kantoor.
Persoon 2, jij hebt dit gezien en hebt hiervan als bewijs foto’s genomen. In plaats van persoon 1 aan te geven, ga jij deze foto’s gebruiken om dingen gedaan te krijgen bij persoon 1.
Jullie spreken elkaar het magazijn. Persoon 2, jij hebt zojuist de deur achter jullie op slot gedaan.
Jullie zijn getrouwd, hebben vier kinderen samen.
Persoon 1 jij bent lang geleden gestopt met werken om bij de kinderen te blijven. Je hebt met veel liefde voor ze gezorgd en het zijn nu vier gezonde pubers.
Persoon 2, jij bent lang geleden verliefd geworden op de secretaresse en hebt besloten om te scheiden van je partner.
Persoon 1, doordat jij een gat op je CV hebt, kom jij moeilijk aan werk en hoewel jullie nu een tijdje gescheiden zijn, kun jij geen eigen huis vinden.
Persoon 2, je wil gaan samen wonen met je nieuwe liefde, dat betekent dat persoon 1 met de kinderen uit huis zal moeten.