Wonderwall van Oasis
Paul. Jij bent omgekomen bij een motorongeluk. Jouw lichaam wordt kunstmatig in leven gehouden omdat jij een donor bent.
Nynke. Jij bent al een tijd hartpatient, je bent zojuist met spoed opgeroepen naar het ziekenhuis. Je hebt zojuist te horen gekregen dat jij vandaag het donorhart van Paul krijgt.
Jullie lichamen liggen zij aan zij op koude operatietafels. Jullie zielen ontmoeten elkaar voor de transitie. Paul, jij wil Nynke nog een belangrijke boodschap meegeven.
Het is koningsdag en Jules, jij hebt al de hele dag rondgelopen, lekker gegeten en gedronken totdat Robin op een veel te volle gracht met een auto over jouw voet heen reed. Jullie zitten bij de eerste hulp te wachten tot je eindelijk geholpen wordt
Persoon 1, jij hebt de nare gewoonte om dingen te ontvreemden van het kantoor.
Persoon 2, jij hebt dit gezien en hebt hiervan als bewijs foto’s genomen. In plaats van persoon 1 aan te geven, ga jij deze foto’s gebruiken om dingen gedaan te krijgen bij persoon 1.
Jullie spreken elkaar het magazijn. Persoon 2, jij hebt zojuist de deur achter jullie op slot gedaan.
Lord is a Feeling – Londen Gramma
Persoon 1. Jij komt uit een relatie waarin jouw ex-partner veelvuldig vreemd ging. Nu date je al een tijd met persoon 2.
Persoon 2, jij weet dat persoon 1 moeite heeft met je vertrouwen. En hoewel je zojuist zo goed mogelijk het hebt weg proberen te wassen, weet je dat persoon 1 straks een vreemd parfum gaat ruiken op jouw kleding.
A, Jouw moeder heeft sinds 2 jaar een nieuwe vriend. Eerst had jij een vijandige houding. Deze uitdaging ging langzaam over in een flirt. Je kijkt erg tegen hem op. Jouw voorbeeld. Over de tijd werden je gevoelens steeds sterker en kun je je geen toekomst voorstellen zonder hem aan je zijde.
B, jij probeert voor Valentijnsdag morgen een liefdesbrief te schrijven aan je partner, alleen jij bent niet zo romantisch, je vraagt je stiefdochter om hulp. A, als je de liefdesbrief dicteert kun je je gevoelens niet langer binnenhouden.
Kevin, jij bent al een tijdje in een rare burensituatie terecht gekomen. Jij tuiniert graag en doet erg je best om de tuin zo mooi mogelijk te houden. Je bent het meest trots op je voortuin, tot je iets ging opvallen aan de tuin van je buurman. Die begon er namelijk steeds meer hetzelfde uit te gaan zien. Tot overmaat van ramp begonnen verschillende buren het ook op te vallen, maar in plaats van sympathie, gaven zij aan dat jij de na-aper was.
Gisteren vond je dat de maat vol was en zo heb je vannacht in de bescherming van het donker, de tuin van je buurman verwoest. Het is nu ochtend en je hoort geklop aan de deur.
Persoon 2; jouw zoon is jaren geleden om het leven gekomen bij een auto-ongeluk. Aangezien hij donor was, zijn zijn organen naar verschillende mensen gegaan.
Persoon 1, onder andere naar jouw zoon. Je zoon heeft nog een aantal jaren kunnen leven, maar is een maand terug overleden. Hij wilde graag dat jij vertelde dat hij heel erg dankbaar is geweest voor de jaren die hij nog heeft gekregen.
En je besluit contact te leggen met de nabestaanden van de donor die hem nog zoveel gelukkige jaren heeft gegeven.
Het kind slaapt nét. Eindelijk. Elk geluidje kan ‘m weer wakker maken. Hij sliep zo moeilijk omdat-ie haarfijn aanvoelt dat jullie al de hele avond kwaad zijn op elkaar en geen woord met elkaar gewisseld hebben. Naar hem poeslief, maar tegen elkaar: niets. Geen woord. Het verlangen is er wel, maar jullie zijn allebei te koppig om als eerste te beginnen. En dat blijft zo. De hele avond.
Wat vanavond wél moet gebeuren is dat de huiskamer nou eindelijk eens ingericht wordt na de verhuizing vorige week, want morgen komen de ouders op visite. Gelukkig is de drank al wel uitgepakt. Uiteraard.
Jullie zijn familie (broer-zusrelatie) en hadden voor Corona een goede band.
Tijdens Corona zijn jullie beiden qua insteek de andere kant op gegaan. Persoon 1 was van het afstand houden, vaccinatie en avondklok. Persoon 2 was van protesteren, ontkennen en complottheorieën. Jullie vonden dit destijds lastig, maar besloten dat het belangrijk was om de band goed te houden.
Nu, een aantal jaar laten merkt een van jullie dat de ander is doorgeslagen (of wel met het veilig houden of wel met complottheorieën). Je besluit de ander hier op aan te spreken.
Jullie zijn de Kerstman en Robin, een elf.
Robin, jij bent een jonge, bevlogen elf die met lede ogen aanziet hoe de Noordpool steeds kleiner wordt door de opwarming.
Kerstman, jij bent een oude witte man die denkt ‘na ons de zondvloed’ en de speelgoedfabriek gewoon nog ouderwets met een dieselaggregaat aanstuurt, want hoe kom je anders aan voldoende stroom?
Vandaag zien jullie hoe er een grote scheur in het ijs steeds dichterbij de fabriek komt