Op de werf

Jullie zijn op de werf aan het schuren aan jullie kajuitbootje waarmee je al 20 jaar over de Friese wateren hebt gevaren, heel veel met de kinderen, nu weer met z’n tweetjes. Jullie zien dat door het vele schuren het hout erg dun is geworden.

Jules: jou komt het varen je zo langzamerhand de neus uit. Je wilt met de trein naar Budapest, Kroatië, maakt niet uit. Desnoods alleen of met je zoon

Robin: jij hebt al een aanbetaling gedaan voor een nieuwe boot, alleen weet Jules dat nog niet


De verloren dochter

Persoon 1, jaren geleden heb jij een voorschot op de erfenis gevraagd en ben jij met de noorderzon vertrokken. Nu heb jij na jaren van feesten, alcohol en drugs het geld er doorheen gebrast. Je bent blut en er zat niets anders op dan terugkeren naar je geboortegrond en persoon 2 weer om hulp te vragen. Vol schaamte kom je aan.


Erfgoed

Persoon 1 en persoon 2, jullie zijn al jaren gelukkig getrouwd en wonen in de Vijfhoek met jullie bloedjes van hoogblonde kinderen. Enige tijd geleden is de vader van een van jullie overleden. Als gevolg hiervan hebben jullie de Tweede Wereldoorlogverzameling van zijn/haar vader geërfd.

Omdat het een behoorlijk grote collectie is, hebben jullie besloten het meeste te verkopen en alleen de dierbare stukken te houden. De collectie slinkt goed en het levert een leuk zakcentje op, maar het valt op dat alleen Nazi-voorwerpen overblijven, omdat een van jullie hier wel heel erg geïnteresseerd in blijkt te zijn.

De ander voelt zich hier niet comfortabel bij, en gaat, nu de kinderen naar bed zijn, hierover het gesprek aan met je partner.


De zwarte vlag

Jules, jouw zoon is veroordeeld voor moord en vandaag zal zijn doodstraf uitgevoerd worden. 

Robin, jouw dochter is door Jules’ zoon vermoord. Jij verwacht troost te vinden als het vonnis eindelijk voltrokken is.

Jullie zijn vandaag samen in de gevangenis om geïnterviewd te worden voor de tv, maar er gaat voortdurend iets mis en jullie wachten en wachten, maar het interview wordt voortdurend uitgesteld. Jullie komen in gesprek


De vloek van de genen

Amanda, er rust een vloek over jouw familie; niemand wordt ouder dan 45 en iedereen sterft aan dezelfde kwaal; hartfalen. Jij bent nu 45. Het verhaal gaat dat Gosse het laatste familielid is dat ouder dan 45 is geworden en dat hij de vloek in werking heeft gezet. Nu tijdreizen mogelijk is, heb jij besloten om terug het verleden in te gaan om uit te zoeken hoe de vloek gekomen is.


Lovely day

Lovely Day – Bill Withers

Jullie zijn getrouwd, al 49 jaar.

Persoon 1, jij hebt dementie.

Persoon 2, jullie wonen beiden nog thuis en jij verzorgt Persoon 1 waar dat kan met heel veel liefde.

Jullie vouwen samen de was op, zojuist was het eerste moment dat P1 jou niet meer herkende.


Lieve buurvrouw

A, jij bent de meest geliefde buurvrouw van de straat. Jij organiseert het jaarlijkse straatfeest, de bloemetjes voor de zieken en staat altijd klaar. Iedereen noemt jou ‘de sterke vrouw’. Zo heb je ook een langlopende band met je buren.

B, als zoon van de buurvrouw kom jij al jaren iedere week bij A over de vloer. Als inmiddels volwassen zoon van A’s buurvrouw, snap je nog steeds niet waarom jij nog altijd iedere week naar A gaat. Tot vanavond.


Prikt Cupido ook raak?

Persoon 1, jij bent laatst gevaccineerd en bent smoorverliefd geworden op de dame die jou vaccineerde. Je hebt op twitter berichten geplaatst en bent naarstig op zoek naar de prikkelende dame van jouw dromen.

Persoon 2, je wist al dat jouw zoon gekke obsessies had, maar deze slaat echt alles. Sinds de dag dat Persoon 1 zijn crush tegen de arm liep, heeft hij het over niets anders. Hij is echt obsessed.

Naast dat je dit zorgelijk en redelijk irritant vindt, weet jij wie de anonieme prikdame is. Je hebt haar namelijk opgespoord in de hoop dat er een liefde zou opbloeien en je eindelijk niet meer zou hoeven samen te wonen met je zoon. Je hebt de dame echt proberen te overtuigen, maar ze wil helaas niets met je zoon, maar vooral met jou niets meer te maken hebben.


Dat is een tijd geleden

Jullie zijn twee oud klasgenoten en hebben elkaar jaren niet gezien.

Persoon 1, het valt je op dat persoon 2 er fantastisch uit ziet. Vroeger had je altijd al een oogje op diegene en zoals die er nu uitziet komt alles weer bij je terug.

Persoon 2, jij zit op dit moment in een chemo-traject en loopt op dit moment voor het eerst met een pruik op.


Ik kan het niet alleen.

Persoon 1, jij bent trotse ouder van persoon 2, die wereldkampioen is in schaatsen. Toen jij op jonge leeftijd een passende sport zocht voor je kind, hadden jullie niet gedacht dat 20 jaar later een gouden plak om de nek zou hangen. Al sinds kleins af aan staat jouw leven in het teken van de sport van zoon/dochter. Zo sta jij bij elke wedstrijd te roepen aan de kant, heb je de studie sportmassage opgepakt en ben jij bij verlies het klankbord.

Persoon 2, jij hebt jaren lang getraind en een half jaar geleden kreeg jij voor je prestatie je eerste medaille. Een gouden zelfs! Maar jij weet dat jij deze prestatie niet alleen hebt bereikt. Zonder deze hulp had jij natuurlijk nooit gewonnen. Vandaag moet jij gaan vertellen dat je doping hebt gebruikt.