Broer en zus begeleiden samen hun overleden moeder van haar kamer in verzorgingsflat naar de rouwauto buiten.
De broer heeft veel gedaan voor zijn moeder in haar laatste jaar.
De dochter vond dat wel goed zo. Zij vond haar moeder eigenlijk maar een zeur. Ze is er afgelopen jaar 2x op bezoek geweest.
Ze staan samen in de lift, met de lijkkist. Deze blijft steken tussen de 3e en de 2e verdieping.
50 ways to leave your lover – Paul Simon
Jullie zijn al tijden goede collega’s… De afgelopen weken hebben jullie intensief samengewerkt op dat ene belangrijke project. Het was, zelfs voor ambtenaren, aanpoten, maar jullie hebben elkaar goed leren kennen en met een beetje geflirt hier en daar lijkt het ondertussen wel meer dan “goede collega’s”.
Paul(a), je hebt Simon(e) tijdens jullie wekelijkse overleggen verteld over jouw ingewikkelde thuissituatie. Maar ja, de kinderen… En hoewel Simone woestaantrekkelijk is, heb je toch trouw gezworen aan je partner, van wie je toch ook wel houdt.
Simone, jij wilt actie, spanning, seks, verbinding, en je voelt het met Paul. Is het liefde? Misschien wel. En vanavond, nadat jullie als laatste zijn overgebleven op kantoor, confronteer je Paul hiermee… Jij kunt wel 50 manieren bedenken om die partner te verlaten en voor jou te kiezen.
Nynke je bent professioneel bankrover, maar niemand in deze tijd heeft er last van. Jij hebt namelijk je erfenis geïnvesteerd in een tijdmachine. Hiermee reis jij af naar de toekomst om daar geld te stelen.. Plus, jij investeert het geld in aandelen. De aandelen die je koopt, koop je bij de bank waarvan je gestolen hebt, zo is het geld dus in feite weer terug bij de bank waar je later van steelt. Je reist nu weer naar de toekomst om een bank te beroven.
Kevin, jij bent bankier en hebt door wat Nynke aan het doen is. Je bent ontzettend onder de indruk van haar. Je wil graag bij haar in de leer, dat je daarvoor mee zal moeten naar haar tijd zal je op de koop toenemen.
Persoon 1, jaren geleden heb jij een voorschot op de erfenis gevraagd en ben jij met de noorderzon vertrokken. Nu heb jij na jaren van feesten, alcohol en drugs het geld er doorheen gebrast. Je bent blut en er zat niets anders op dan terugkeren naar je geboortegrond en persoon 2 weer om hulp te vragen. Vol schaamte kom je aan.
Esther, jij bent een vrome jonkvrouw. Mannen van heel het land vragen om jouw hand, want je komt van een goede familie, bent welbespraakt en zult later een groot stuk land erven van jouw vader, mits je natuurlijk trouwt met de juiste echtgenoot.
Het probleem is, dat jij hopeloos verliefd bent op de nar, Kevin. Een die niet van adellijke familie komt en wiens taak het is om anderen aan het lachen te maken.
Kevin, jij weet nog van niets, maar jonkvrouw Esther heeft je verzocht om een privé-optreden te geven in haar vertrekken.
Speler 1, jij bent tijdens een vermoeiende werkdag achter het stuur in slaap gevallen. Tot jouw grote afschuw stak het zoontje van speler 2 net op dat moment over. Hij werd geraakt door jouw auto. De buurtbewoners waren er gelukkig snel bij en een ambulance was snel te plaatsen. Het zoontje van speler 2 ligt op dit moment in het ziekenhuis.
Speler 2, jij hebt om een gesprek met speler 1 gevraagd. Jullie ontmoeten elkaar in het restaurant van het ziekenhuis.
White Rabbit – Jefferson Airplane
Jullie zijn moeder en dochter.
Jij bent de moeder, een verslavingscounselor. Je dochter heeft net je oude dagboek gevonden uit je wilde jaren ’60.
Jij bent de 16-jarige dochter. Je hebt net het schokkende dagboek van je moeder uit de jaren ’60 gevonden.
Persoon 1: Jij bent een persoon van stand. Je hebt je leven hard gewerkt, maar bent ook in het bezit van oud geld.
Persoon 2 is de partner van jouw zoon. Je hebt vandaag voor het eerst kennis gemaakt. Jij vindt persoon 2 te min voor jouw zoon, persoon 2 komt namelijk niet van een familie met aanzien. Jullie praten na het eten wat bij.
A, jij bent een doorgewinterde politicus van het zuiverste soort én luis in de pels van De Tweede Kamer. Maar de jonge generatie, onder leiding van B, maakt je steeds vaker openlijk belachelijk. Na de aftrap van het nieuwe parlementaire jaar sta je nu, duurzaam als altijd, op de bus te wachten. Naast B.
Persoon 1 (vader/moeder): in de vroege jaren tachtig was jij universitair onderzoeker in West-Duitsland. Op een dag hebben je partner en jij jullie kinderen halsoverkop meegenomen naar Oost-Duitsland, onder het mom van een dodelijk zieke oma. Bij het tankstation op de weg naar Berlijn bleken er echter Stasi-agenten te wachten en vertelden jullie het echte verhaal: jij was voor de DDR. Omdat jullie op het punt stonden gearresteerd te worden, zijn jullie naar Oost-Duitsland gevlucht.
Persoon twee (kind): jouw broer/zus was meerderjarig en kon dus op eigen houtje terug naar de BRD. Jij moest echter blijven en werd met je ouders DDR-burger. Je ouders beloofden je dat het daar het paradijs was, maar al snel realiseerde je, dat niets minder waar was. Je weet niet of je ouders hetzelfde dachten.
Lees verder “Heilstaat”