Jules, je hangt voor de buis. Onrustig. Moe. Verdrietig. Een vreemde angst draait om je heen.
Robin, je bent de geest van de partner van Jules. Je kunt het huis niet verlaten en wacht tot je bevrijd wordt. Tot Jules je loslaat.
In de kamer hiernaast begint jullie dochtertje weer te huilen.
A, jij bent de wolf. Je hebt het huisje van de zeven geitjes binnen weten te dringen met meel op je poten en ingeslikte zeep. You know the drill. De afgelopen 20 minuten ben je bezig geweest om 3 geitjes te verorberen.
B. Jij bent het vierde geitje dat op het menu staat. Je zit vastgebonden aan de verwarming, maar hebt al het grootste deel van het touw weten door te slijten.
Wolf, eigenlijk zit je al helemaal vol terwijl je op weer zo’n mekker afloopt. Wat is dit toch een zwaar leven.
Het zwart van de grillige takken steekt rauw af tegen het nachtelijke blauw. De maan staat in het eerste kwartier en wordt geplaagd door een voorbij schuivende wolk. Hier en daar is er nog een oranje of rode streep zonlicht te zien. Al snel zal de dag verleden zijn en de nacht het heden. De Poolster schijnt al fel. De eerste lantarenpalen flitsen aan, eerst nog met blauwig licht dat snel over zal graag in oranje/geel.
Lees verder “Geel door de nacht”
Het was 2.05 toen de eerste explosie op nummer 5 door de nacht knalde. Dit was duidelijk geen vuurwerk. De tweede explosie op nummer 7 volgde een minuut daarna. Zo snel als jullie konden haastten jullie je richting de straat, elk uit je eigen huis. Buiten zagen jullie de vlammen uit de huizen van jullie buren, nummer 5 en 7 al uit de ramen opstijgen.
Lees verder “Buren”
Eigenlijk zijn jullie verliefd op elkaar, maar tot nu toe hebben jullie dit geen van beiden laten blijken.
Robin, jij bent afdelingshoofd en je staat op het punt Jules te ontslaan, omdat je vermoedt dat er een onhoudbare situatie gaat ontstaan. Je hebt er wel heel veel moeite mee, maar het kan niet anders
Jules, jij weet dat Robin richting het hogere management een iets te rooskleurig beeld heeft geschept van de winstcijfers van de afdeling. Dat weet je, omdat jullie dat samen bekokstoofd hebben.
Jullie staan bij de printer. Er zit een blaadje vast.
Jullie zijn gestationeerd op de Belgische Koning Boudewijnbasis op de Zuidpool.
Jules, jouw specialisatie is aardmagnetisme en Robin, jij bent een expert in de stratosfeer en de ozonlaag. Jullie zijn sinds september werkzaam op de basis en nu in maart loopt de “zomer” ten einde en wordt het steeds moeilijker om buiten te zijn.
Vandaag hebben jullie een vrije dag en hebben besloten samen een laatste tocht naar de pinguïn-kolonie te maken, 2 kilometer verderop. Op de terugweg, als het alweer donker wordt, is Jules gestruikeld en kan niet meer lopen. Dat is beroerd, want jij bent de enige van de twee die de slee goed weet te sturen. Robin, jij probeert met je walkietalkie de basis te bereiken, maar de accu heeft nog maar 1 streepje.
Jules, jouw zoon is veroordeeld voor moord en vandaag zal zijn doodstraf uitgevoerd worden.
Robin, jouw dochter is door Jules’ zoon vermoord. Jij verwacht troost te vinden als het vonnis eindelijk voltrokken is.
Jullie zijn vandaag samen in de gevangenis om geïnterviewd te worden voor de tv, maar er gaat voortdurend iets mis en jullie wachten en wachten, maar het interview wordt voortdurend uitgesteld. Jullie komen in gesprek
Het is 3 uur ‘s nachts als je beneden gestommel hoort. Snel zoek je naar iets wat op een wapen lijkt en even later duw je met de stofzuigerslang in de aanslag voorzichtig de keukendeur open. De tafel ligt al vol met spullen en op dat moment komt een hoodie door de huiskamerdeur naar binnen en blijft verbijsterd staan. 10 seconden kijken jullie elkaar verbijsterd aan. Robin!!? Jules?!?
Jules, Robin, jullie kennen elkaar via motormaatje.nl en zijn onderweg naar Spanje. Het regent nu al twee dagen en daarom wil Jules liefst zo snel mogelijk via de péages en ‘s nachts in een hotelletje. Robin protesteert omdat dat veel te duur gaat worden. De afspraak was om de Routes Nationale te nemen en te kamperen.
Jullie hebben net de tent opgezet. De douches blijken koud
Het is eind november. De lucht boven de Veluwe is grijs, de grond zompig van de regen. Camping De Zwaluw ligt er verlaten bij: schommelstoelen kraken in de wind, een losgeslagen luifel klappert aan een leegstaand chalet. Het seizoen is voorbij, maar ook de laatste hoop lijkt langzaam te vervagen.
Lees verder “Op de Camping”